Een toestemmingswet regelt in Nederland de voor Koninklijke huwelijken sinds 1814 benodigde toestemming van de Staten-Generaal. In artikel 28 van de Grondwet is geregeld: Als een koning trouwt zonder toestemming moet hij aftreden. Als iemand die potentieel in aanmerking komt voor erfopvolging trouwt zonder toestemming, wordt hij en de uit het huwelijk geboren kinderen en hun nakomelingen van de erfopvolging uitgesloten. Hoewel de toestemmingswetten spreken van toestemming verlenen is er geen verbod op een huwelijk zonder toestemming, het heeft alleen de genoemde consequenties, waarbij geen sprake is van een straf.